Darmen

De darmen bevinden zich in de buikholte en zorgen voor de vertering van het voedsel. De aansturing van de darmen gebeurt deels door de darmen zelf en deels vanuit het ruggenmerg. Daardoor blijft de spijsvertering werken na het oplopen van de dwarslaesie. Het kan wel iets langzamer gaan dan daarvoor. De aansturing van de spieren waarmee je je ontlasting ophoudt is verstoord door de dwarslaesie, maar door goed darmmanagement kun je hier enigszins controle over houden.

 

Kies een onderwerp voor meer informatie

  • Anatomie en functie van de darmen
  • De darmen bij een dwarslaesie / caudalaesie
  • Veelvoorkomende problemen en oplossingen
  • Darmmanagement
  • Diagnostiek bij problematiek
  • Bronnen en verder lezen

Anatomie en functie van de darmen

Samen met de mond, de slokdarm en de maag vormen de darmen het spijsverteringskanaal (tractus digestivus). De darmen bestaan achtereenvolgens uit de dunne darm, de dikke darm, de endeldarm en de anus. Hun functie is het transport en de vertering van voedsel, de opname van voedingsstoffen en het vormen en lozen van ontlasting.

Afbeelding: Anatomie van de darmen (bron: © 2005 Terese Winslow
U.S. Govt. has certain rights - vertaald door antikankerfonds.org)

  • De mond, de slokdarm en de maag
  • De dunne darm
  • De dikke darm
  • De endeldarm
  • De anus

De darmen bij een dwarslaesie / caudalaesie

De spieractiviteit van de darmen zal door de dwarslaesie afnemen, maar niet geheel verdwijnen. De darmen blijven voedsel verwerken en voedingsstoffen opnemen. De aansturing van de sluitspieren is wel verstoord, waardoor je incontinent kunt zijn voor ontlasting. Afhankelijk van de hoogte van de dwarslaesie is het laatste deel van de darm slap verlamd of ontstaat hier een reflexdarm.

  • Spinale shock fase
  • Slappe darm
  • Reflexdarm
  • Slokdarmsfincter
  • Informatie specifiek voor caudalaesie

Veelvoorkomende problemen en oplossingen

Het ALLRISC onderzoek laat zien dat bij 95% van de mensen met een dwarslaesie de aansturing van de sluitspier verstoord is. Dit heeft gevolgen voor je stoelgang. Hieronder kun je meer lezen over veelvoorkomende problemen, wat je kunt doen om het te voorkomen en wat je kunt doen als je er last van hebt.

  • Informatie specifiek voor caudalaesie
  • Aambeien
  • Anale kloven
  • Anale prolaps
  • Autonome dysreflexie
  • Diarree
  • Incontinentie
  • Maagzweer of duodenumzweer
  • Obstipatie/constipatie/verstopping
  • Overloopdiarree
  • Rectale bloedingen
  • Refluxziekte (gastro-oesofageale reflux ziekte)

Darmmanagement

Het ALLRISC onderzoek laat zien dat slechts 7% van de mensen met een dwarslaesie op de normale kan poepen. De belangrijkste reden is dat het gevoel van aandrang verstoord is: slechts 17% voelt dit, 40% voelt dit niet en bijna de helft (45%) voelt dit indirect. Dit kan leiden tot incontinentie voor ontlasting. Goed darmmanagement zorgt ervoor dat je zoveel mogelijk controle houdt over je darmen en zo min mogelijk last van incontinentie hebt.

  • Wat is darmmanagement?
  • Voedingspatroon
  • Anale prikkeling/digitale stimulatie
  • Rectale laxeermiddelen
  • Manueel verwijderen van ontlasting (rectaal toucheren)
  • Klysma
  • Darmspoelen
  • Stoma
  • Sacral Anterior Root Stimulation (SARS)
  • Orale laxeermiddelen

Diagnostiek bij problematiek

Om problemen aan de darmen en anus op te sporen, wordt er lichamelijk onderzoek gedaan en kan er aanvullend gebruik gemaakt worden van beeldvormeld onderzoek.

  • Buikoverzichtsfoto
  • Coloscopie
  • CT-scan
  • Defecografie
  • Gastroscopie
  • Manometrie
  • MRI-scan
  • Proctoscopie
  • Rectaal toucheren
  • Sigmoidoscopie

Bronnen en verder lezen

Naast de bronnen die in de totstandkoming van de Wiki zijn genoemd, zijn voor het hoofdstuk over de darmen een aantal specifieke bronnen geraadpleegd. Deze bronnen zijn hier te vinden. Tevens kun je hier meer lezen over wetenschappelijk onderzoek rondom dit thema.

  • Bronnen
  • Verder lezen