Menu:
Snelmenu:
Waar ben ik:
Tekst:
Medische complicaties
>> Verlamming benen, armen en romp
>> Ademhaling
>> Gevoelloosheid
>> Incontinentie van urine
>> Incontinentie van ontlasting
>> Spasmen
>> Decubitus
>> (Zenuw)pijn
>> Oververhitting en onderkoeling
>> Geslachtsorganen
Verlamming benen, armen en romp
Als commando’s vanuit de hersenen om te bewegen niet worden doorgegeven aan de spieren, ben je verlamd. De spieren zijn hun besturing kwijt en blijven onbenut. Een dwarslaesie heeft vrijwel altijd een volledige verlamming van de benen tot gevolg. Naarmate de beschadiging hoger zit, zal de romp verder verlamd en gevoelloos zijn. Dit kan het moeilijker maken om een goede zithouding aan te nemen en het evenwicht te bewaren. Dagelijkse handelingen waarbij armen nodig zijn, zoals kleden, wassen en eten, kunnen daardoor moeilijk uit te voeren zijn. Als de dwarslaesie zo hoog is dat de arm- en handfunctie is verstoord, is de afhankelijkheid van anderen in de regel groot. Zelfs de meest essentiële activiteiten, zoals het voortbewegen van de eigen rolstoel en de lichamelijke verzorging, kunnen bemoeilijkt of onmogelijk zijn.
Ademhaling
Bij een hoge dwarslaesie zijn ook rib- en buikspieren verlamd, die onder meer worden gebruikt bij diep in- en uitademen en bij hoesten. Het ademhalen gebeurt dan alleen door het middenrif. Als gewoon hoesten niet gaat, kan een opeenhoping ontstaan van slijm in de longen. Dit kan infectie geven. Vaak is het mogelijk te leren op een andere manier te hoesten, door bij het hoesten met de handen tegendruk te geven op de buik. Alleen bij hele hoge dwarslaesies (bij de bovenste drie wervels) is het middenrif verlamd, waardoor zelf ademen moeilijk of onmogelijk is. Dan ben je aangewezen op beademingsapparatuur.
Gevoelloosheid
Door de dwarslaesie is het oppervlaktegevoel van de huid onder het niveau van de dwarslaesie verdwenen. Het gevoel in de ingewanden blijft voortbestaan. Waar het oppervlaktegevoel in de huid ontbreekt, voelen mensen met een dwarslaesie bijvoorbeeld geen pijn als ze zich verbranden, als ze zich stoten of als ze bekneld raken. Het komt bijvoorbeeld voor dat mensen hun voeten ernstig verbranden aan de verwarming van een auto, zonder dat zij dat merken. Ook knellende schoenen kunnen zonder dat men dat merkt blaren veroorzaken. Inwendige pijn wordt meestal eveneens niet meer gevoeld en daarmee is onder andere een natuurlijke waarschuwing bij lichamelijke klachten, bijvoorbeeld een botbreuk of een verstuikte enkel, weggevallen.
Incontinentie van urine
Mensen met een dwarslaesie hebben een verminderde controle over de sluitspieren van hun blaas. Zij moeten speciale maatregelen nemen om hun blaas te legen en voorzieningen treffen tegen incontinentie (in hun broek plassen).
Katheteriseren op gezette tijden is een veel gebruikte methode voor het legen van de blaas. Men leert dat in de regel zelf te doen. Waar dit niet mogelijk is, kan een verblijfskatheter uitkomst bieden. Het gevaar van urineweginfecties is daarbij wel hoger.
Bij lage dwarslaesies is vaak sprake van een slappe blaas. Mensen met een slappe blaas kunnen ongewild urine verliezen door een verhoogde buikdruk, bijvoorbeeld bij hoesten, persen of transfers. Bij hogere laesies ontwikkelt zich vaak een ‘reflexblaas’. Dit houdt in dat de blaas juist gespannen kan zijn en kan samentrekken op onvoorspelbare momenten. Dit heet reflexincontinentie.
Als gevolg van de veranderingen in de werking van de blaas, komen er bij mensen met een dwarslaesie ook vaak blaasontstekingen voor. Belangrijke voorzorgsmaatregelen zijn voldoende drinken en het gebruik van cranberrysap of capsules, wat niet alleen de urine aanzuurt maar ook voorkomt dat sommige bacteriën zich aan de blaaswand hechten. Wanneer een blaasontsteking klachten geeft als koorts of toename van spasme, is een antibioticumkuur nodig.
In een beperkt aantal gevallen biedt plaatsing van een blaasstimulator uitkomst. Voor nadere informatie, zie bijvoorbeeld de brochure “Blaasstimulator” van UMC Sint Radboud te Nijmegen, te bestellen via de website van dit academisch ziekenhuis.
Incontinentie van ontlasting
Ook de controle over de sluitspieren van de darmen is in meer of mindere mate verdwenen en men voelt niet meer dat de darmen geleegd moeten worden. Het is echter dikwijls mogelijk zo ver te komen dat toch een soort controle ontstaat, doordat de darmen op een vast tijdstip in één keer wordt geleegd. Vezelrijke voeding (met onder meer bruin brood, rauwkost, vers fruit en zemelen) en een vast ritme zijn hiervoor belangrijk. Doorgaans wordt ook gebruik gemaakt van medicatie, zoals een microclysma of zetpil.
Spasmen
Wanneer spieren ongecontroleerd samentrekken, soms met korte schokken (clonisch) of eenmalig (tonisch), waarbij ze korte of langere tijd samengetrokken blijven, dan spreekt men van spasmen. Spasmen komen bij mensen met een dwarslaesie relatief vaak voor. Soms zijn spasmen wel handig, bijvoorbeeld als ze helpen bij de sta-op-functie bij transfers. Spasmen kunnen echter je dagelijks leven ook ernstig belemmeren en erg pijnlijk zijn. Dan is behandeling, bijvoorbeeld met medicijnen, noodzakelijk.
Decubitus
Mensen met een dwarslaesie moeten er voortdurend op attent zijn dat zij geen doorlig- of doorzitplekken, decubitus, krijgen. Vrijwel iedereen met een dwarslaesie krijgt in zijn leven met deze drukplekken te maken. Decubitus wordt veroorzaakt door een slechte doorbloeding van een lichaamsdeel. Doordat lange tijd druk op een (klein) gebied wordt uitgeoefend, raakt de doorbloeding verstoord. Dat gebeurt vooral op plaatsen waar botten zich dicht onder de huid bevinden. Normaal gesproken geeft dit een branderig, tintelend of pijnlijk gevoel, zodat je je automatisch even zult verplaatsen. Na een dwarslaesie worden deze signalen meestal niet gevoeld. Stilzitten in een rolstoel maakt het risico op decubitus dan ook heel groot. Is er eenmaal een decubituswond ontstaan, dan geneest deze door de verminderde doorbloeding onder het niveau van de dwarslaesie soms erg traag. Tijdige diagnose is dan ook van het grootste belang. Eerst wordt de huid rood. Als de huid nadat de druk is weggenomen langer dan een half uur rood blijft, is er sprake van een beginnende drukplek.
Er zijn allerlei maatregelen nodig om te voorkomen dat je decubitus krijgt, bijvoorbeeld: zithouding in de rolstoel, anti-decubitus zitkussen, wisselligging in bed, anti-decubitus matras, goede doorbloeding van de huid, etc. De noodzakelijke maatregelen verschillen van persoon tot persoon. In de revalidatie vormt dit een belangrijk aandachtspunt.
Ook op andere manieren kan de huid ongemerkt beschadigen. Zo kan de huid kapot gaan door stoten bij een transfer of verbranden door een te hete douche, door een kop hete koffie op de benen te plaatsen, door de zon, de verwarming thuis of in de auto, hete waterbuizen, de open haard, enzovoorts. Hierop moet je dus eveneens bedacht zijn.
(Zenuw)pijn
(Zenuw)pijn komt veel voor bij mensen met een dwarslaesie. Ondanks dat het oppervlaktegevoel ontbreekt, klagen bijvoorbeeld veel mensen met een dwarslaesie over pijn in het zitvlak. Ook voelen mensen soms pijn in hun overigens gevoelloze benen of armen. Dit lijkt op de ‘fantoompijn’ die mensen na een amputatie kunnen ervaren. Vaak is zenuwpijn hardnekkig en bijna altijd is het moeilijk behandelbaar. In de praktijk blijkt regelmatig dat hoe actiever iemand is, hoe kleiner de kans is op pijn. Sommige mensen hebben baat bij sport of yoga.
Oververhitting en onderkoeling
Mensen met een dwarslaesie boven Thoracaal 5 hebben een verstoorde warmte- en kouderegulatie. De sensatie van het te warm of koud hebben is daarbij gestoord. Het komt dan ook voor dat mensen met een dwarslaesie te lang bij grote kou buiten blijven en daardoor onderkoeld raken. Grote onderkoeling kan gevaarlijk zijn. Mensen kunnen bewusteloos raken. Alleen door te gaan liggen met dekens en kruiken kunnen mensen met een dwarslaesie weer op temperatuur komen. Ook het tegenovergestelde kan gebeuren. Door bijvoorbeeld te lang in de zon te zitten raakt men oververhit. Je kunt dan het beste gaan liggen op een koele plaats, eventueel met natte, koele handdoeken over je heen.
Geslachtsorganen
Zowel bij mannen als bij vrouwen zijn de geslachtsorganen in de regel gevoelloos geworden, waardoor geen orgasme meer mogelijk is. Op seksueel gebied is er dus veel veranderd. Dikwijls wordt gedacht dat seks voor mensen met een dwarslaesie niet meer is weggelegd, of dat het verlangen naar seks niet meer bestaat. Dat is onjuist. Seksueel contact zal meestal wel op een andere manier vorm moeten krijgen.
Bij mannen kan de mogelijkheid een erectie te krijgen verminderd of verdwenen zijn. De zogenaamde ‘reflectoire’ erectie, die optreedt als reflex na aanraking, komt nog het meeste voor. De ‘psychogene’ erectie, die bijvoorbeeld ontstaat door fantasie, komt niet voor bij een complete dwarslaesie boven T11. Bij een gedeeltelijke dwarslaesie kan dit nog wel het geval zijn. Als erectiestoornissen problemen geven in het seksuele leven, kan een behandeling geprobeerd worden met medicijnen of met erectiehulpmiddelen. Een gewone zaadlozing is er vaak niet meer, maar er kan nog wel sprake zijn van enige zaadproductie. Ook de kwaliteit van het zaad kan achteruitgaan. Om te weten of met het zaad nog een zwangerschap opgewekt kan worden moet dit eerst onderzocht worden.
De vrouwelijke geslachtsorganen worden door hormonen bestuurd en functioneren als voorheen, ondanks het feit dat de gevoelsbeleving erg veranderd kan zijn. De mogelijkheid om kinderen te krijgen verandert niet door de dwarslaesie. Wel kan de menstruatie enige maanden na het ontstaan van de dwarslaesie achterwege blijven. Ook is een natuurlijke geboorte niet altijd mogelijk, waardoor een keizersnede nodig kan zijn.
Meer informatie over deze medische complicaties en de manier waarop je daarmee kunt leren omgaan, vind je in het boek “Nou daar zit je dan……..”, geschreven door Ingrid Vermeer en uitgegeven door Dwarslaesie Organisatie Nederland in 2008 (zie: Shop)





